INSTITUTO
CERVANTES BENELUX ENGLAND AND
WALES
Opleiding en Training, Werving
en Selectie, Management, Business Consultancy, Reizen, Vertaalservice, Tolkenservice, Public Relations, Communicatie, Publishing, Spaans in Spanje, Amerika, Ondernemerschap, Luchtvaart, Automatisering, Internet, Productions, Verzekeringen, Hotels, Bankbedrijf, Voetbal, Prinses Diana Stadion, Televisie, Onroerend goed
7 maart 1998. Betreft: DE
STOEL Kenmerk: JH/LH980307. Vrijdag 6 maart 1998. Vanmiddag ben ik op zoek gegaan naar een nieuwe
stoel. Ik vond hem bij Christie's
in Amsterdam. Kavel 79. De beschrijving is alsvolgt:
"A WILLIAM
AND MARY WALNUT OPEN ARMCHAIR - The
pierced arched toprail centred by an acanthus clasp and flanked
by S-crolls, above a pierced vertical splat carved with a trellis
cartouche between acanthus and S-crolls, flanked by detached and
ring-turned and gadrooned uprights, the dished arms carved with
acanthus, the rectangular seat covered in nailed brown leather,
on ring-turned baluster legs joined by a scrolling channelled
X-shaped stretcer, on bun feet, re-railed, restorations. Close
connections were established between England and Holland in the
second half of the 17th Century when the future King Charles II
was in exile and subsequently when England had a Dutch King. As
a result, an Anglo-Dutch style developed in cabinet-making, particularly
due to the influx of immigrant craftsman, the most celebrated
of whom was perhaps Gerrit Jensen (d. 1715), who was known for
his furniture 'inlaid with metall', which appears in the Royal
accounts on several accounts. The similarities in chair-making
are particularly striking, and the nationality of several chairs
remain ambiguous, mainly due to the scarcity of documented examples,
although a large number of models seems to have originated from
Holland. Ralph Edwards mentions that "The turning affords
the most reliable guide to the nationality. The English spiral
twist has a narrow rope with deep hollows, whereas in Dutch turning
the rope is thick, the resulting twist being close and rapid.'
(R. Edwards, The Shorter Dictionary of English Furniture,
London, 1964, p. 125). The present armchair is closely related
to an example, which the painter Nicolaas Pieneman (1809-1860)
left to the Koninklijk Oudheidkundig Genootschap (Royal Antiquarian
Society) and is currently exhibited in the Rijksmuseum. R.J. Baarsen,
Nederlandse Meubelen 1600-1800, Rijksmuseum Amsterdam,
1993, pp. 54-55) NLG 4.000 - 6.000." Die stoel wil ik hebben.
Ik zal André maandag bellen dat hij hem vast kan aanschaffen.
Ik heb een leuk gesprek gehad over die stoel met een blonde mevrouw
die ooit een aantal jaren in Richmond (GB) heeft gewoond. Ik heb
haar het scheertasje van Prins
Charles laten zien. Ook het beeldje van de pauw met de twee
gebroken paddestoelen, dat voor mij het teken was dat ik Earl
of Warwick zou moeten worden. Ik heb haar ook over mijn limmerick
verteld dat ik op 18
augustus vorig jaar in Kensington
Palace heb geschreven in rode en paarse inkt. Ik herhaal deze
limmerick, zoals ik die vandaag heb voorgedragen:
When William
and Mary went together
They saved Britain and Holland from bad weather
As from today in the
future
In our countries will not be a malicious creature
When Diana
and John get together
P.S. Red colours very well in the heather.
"Dat zal
Dodi wel niet erg leuk hebben gevonden" zei
de vriendelijke en belangstellende dame. "Dat denk ik ook niet, maar dat was niet míjn
probleem" was mijn antwoord. Dat
heb ik nog van jou geleerd. Dank, dank, dank! Voorts hebben wij
samen vastgesteld dat Diana's
échte testament nog moet uitkomen. Zij had immers een
PLAN. Dat plan leek erg veel op dat
van mij. Daar komt bij dat zij naar alle waarschijnlijkheid
in haar testament van december
1996 zal hebben vermeld wat er met de opbrengst van haar geveilde
jurken zou moeten gebeuren. Christie's
heeft er dus duidelijk belang bij dat dat
testament openbaar wordt. Het was de betreffende dame niet
ontgaan dat Di's favoriete kleuren rood en paars waren. "Zo
ging dat" zei ik haar "Zij was rood en
ik was paars. Samen vormden wij de ideale
combinatie". Ik kijk nog even naar het bruin leren tasje
met het opschrift "28" en kan mij thans voorstellen waarom Martine van
Loon-Labouchere de opmerking over die aangenaaide oren zo aardig
vond. Charles
mag wel uitkijken. Ik ben benieuwd hoe Juan
Carlos daarover denkt. Ik ben overigens geen paars petje meer
gaan halen in het Park Plaza Hotel. Ik kreeg immers al een mooie
paarse brochure mee van Christie's.
Hier staan mooie juwelen in. Zoek er maar vast een paar uit en
vergeet niet bij Anthony
Julius op bezoek te gaan. Het is maar een wip vanuit Noordwijk.
Voorts zag ik een prachtige afbeelding van een schitterend zilveren
bord met het wapen van Gaspar
van der Heyden (een schaap met de vlag van Engeland in de
hand) en het opschrift "A rare and fine Dutch octagonal silver
Dis, Middelburg, 1629. Estimate NLG 80.000-120.000. Sold for NLG
276.768 on 25 November 1997".
Ik schrijf dit hier op, want
dit stuk komt ongetwijfeld weer terug in de familie, als je meewerkt
althans. Gaspar woonde
als predikheer ook lange tijd in Middelburg. Daar heeft Juan
Carlos nog goede herinneringen aan zoals je weet. Ik heb ook
een stukje stamboom van Gaspar.
Dat ziet er alsvolgt uit. Ter voorbereiding van ons bezoek aan
de koning verstrek ik je hierbij enige uitgebreide informatie
over mijn vemoedelijke voorvader. Het is op de eerste plaats een
buitengewoon interessant stuk Vaderlandse Geschiedenis. Ik hoop
dat je de gelegenheid hebt die met belangstelling door te nemen.
Ik heb hier hard aan gewerkt.
1. Gerard van
der Heyden "HET GESLACHT EN DE
NAKOMELINGEN VAN GERARD
VAN DER HEYDEN Samenvatting van Bijlage
C van Gaspar van der Heyden
1530-1586. Door de grote uitgebreidheid van de aantekeningen
betreffende het geslacht Van der Heyden, verstrekt door de Heer
Joh. Hendr. Veldhuyzen was het de heer Van Lennep onmogelijk die
in haar geheel in de bijlage op te nemen. Een uittreksel dus van
de resultaten van de nauwkeurige naspeuringen van de heer Veldhuyzen.
Volgens Smallegange (Cronyk van Zeeland) stamden de Van der Heydens
af van een jongere zoon uit het geslacht Wassenaar, die tot zijn
erfdeel de Heerlijkheid ter Heyde onder Breda zou krijgen en daarvan
de naam hebben aangenomen. Het eerste moge waar zijn, het laatste
echter is minder waarschijnlijk; de Van der Heydens waren al lang
als een edel geslacht in Brabant bekend, vóór dat
de Baronie van Breda, met de daarvan afhankelijke heerlijkheden,
waaronder "ter Heyde", door koop eigendom was geworden
van het geslacht Wassenaar, in de tak Duyvenvoorde-Polanen, waaruit
het bij erfopvolging aan de Nassau's en Prinsen van Oranje is
gekomen. Die verkoop en overdracht van Breda door Hertog Jan III
van Brabant aan Jan van Polanen had plaats in het jaar 1350,
terwijl Gerard
van der Heyden, een der meest beroemde leden van dat geslacht, Ridder en Drost van Brabant, mede met andere edellieden, namens de Hertog,
de acte van verkoop van genoemde Baronie bezegelde. Het wapen
van deze Van der Heydens was, volgens de beschrijving die Smallegange er
van geeft, "zilver
met drie wassende manen van rood",
hetgeen duidelijk op een afkomst uit Wassenaar wijst, welk geslacht
drie zilveren manen op een rood veld tot wapen voerde. Reeds het
onnatuurlijke van die kleuren in het wapen van de Van der Heydens,
die tot geen voorstelling aan de werkelijkheid ontleend zijn terug
te brengen, spreekt duidelijk voor een verandering in een reeds
bestaand wapen, en dus voor de afkomst uit een ouder geslacht,
waarvan door een jonger zoon de naam is prijsgegeven bij het aanvaarden
van een zelfstandig bezit, aanzienlijk genoeg om voor hem en zijn
nazaten daarvan de naam aan te nemen en zo de stamvader te worden
van een nieuw geslacht. Men nam dan meestal niet een geheel nieuw
wapen aan, maar veranderde slechts door enige toevoeging of wijziging
in de kleuren het voorvaderlijk wapen, en behield zó de
herinnering aan zijn afkomst. Hebben de Van der Heydens hun naam
ontleend aan enige bezitting, hun in het gebied der Wassenaars
toebedeeld, dan moet daarbij waarschijnlijk niet gedacht worden
aan "ter Heyde" bij Breda, maar eerder aan de voormalige
heerlijkheid in Delfland, het tegenwoordig kleine zeedorp "Ter Heyde" of "de Heyde" onder Naaldwijk, dat in
het verre verleden veel aanzienlijker moet zijn geweest, maar
grotendeels door de zee verzwolgen is. Het voert nog als wapen:
"drie wassende
manen van zwart op zilver" evenals
het geslacht Polanen, waaraan het ook gedurende lange tijd heeft
toebehoord; de eerste bezitter heeft het wellicht ook snel afgestaan
en slechts de naam er van behouden, toen hij zich in Brabant is
gaan vestigen, waar hij waarschijnlijk tot groter aanzien gekomen
was door huwelijk met een erfdochter uit een aanzienlijk geslacht.
Het wapen van van der Heyden, zoals het voorkomt op de wapenkaart
bij Smallegange, wettigt alleszins dit vermoeden; daarop is het
niet alleen gekwarteleeerd, en bevat in het eerste en vierde,
dus in de voornaamste kwartieren, de "drie wassende manen",
het beschreven wapen van van der Heyden, en in het tweede en derde
"drie hanen van zilver op blauw", terwijl er vele Brabantse
geslachten gevonden worden die hanen in hun wapen voeren, zoals
de Cocq, Sandelin, Coutereau en anderen. Zoveel is dus zeker,
dat wanneer het wapen van de van der Heydens van Hollandse, het
ook tevens van Brabantse afkomst getuigt; daargelaten nu of zij
hun naam door bezittingen in Brabant gekregen hebben of die daar
al hebben meegebracht, is het niet onwaarschijnlijk dat zij de
stichters zijn geweest van het kasteel "der Heyden"
of "ter Heyen" in het gebied van Rotselaar, tussen Leuven
en Mechelen, wat hun stamhuis kan zijn geweest, hetgeen dan tevens
hun verwantschap verklaart aan de meest aanzienlijke geslachten
uit de kwartieren van Leuven en Mechelen, waar zij ook in verschillende
betrekkingen voorkomen. Daar zijn zij ook in enkele, zij het ook
minder aanzienlijke, takken blijven voortbestaan, terwijl de voornaamste
of oudste tak, bezitter van het kasteel, in manlijk oir zal zijn
uitgestorven, wellicht niet lang na deze Gerard
van der Heyden. Daardoor is het naamdragend kasteel en de
bezitting aan andere geslachten gekomen, misschien door het huwelijk
van een erfdochter of, wat meer waarschijnlijk is, door het kinderloos
overlijden van de laatste bezitter, die het aan zijn natuurlijke
erven, neven of nichten, zal hebben nagelaten. Dezen hebben dan
de titel daarvan aan hun eigen naam toegevoegd, terwijl daarnaast
het naamdragend geslacht in jongere takken, maar zonder de voorvaderlijke
bezitting, bleef voortbestaan, evenals dit bij verschillende oude
geslachten heeft plaatsgevonden. Misschien is het kasteel der Heyden
wel aan andere geslachten gekomen door het huwelijk van Angela van der Heyden, die omstreeks 1450
geboren is. Uit haar huwelijk met Pieter
van der Noot, 1487-1489 Pluimgraaf van Brabant, had zij o.a. een
dochter, Catharina, die met Roeland Absolons huwde, uit een der oudste ridderlijke geslachten
van Leuven gesproten, dat in de regering
van die stad van 1388 tot 1586 gemeld wordt en door huwelijken
aan de aanzienlijkste geslachten verbonden is geweest. Van Roeland
Absolons en Catharina van der Noot staat vermeld dat zij een talrijke
nakomelingschap hadden, en waarschijnlijk was dan François
Absolons, die van 1551 - 1572 Woudmeester van Brabant is geweest,
een van hun zoons. Hij was in die waardigheid de opvolger van
Quentin Hubertsz. van der Noot, een volle neef van Catharina.
François Absolons, schildknaap, Heer van der Heyden, 1593
Schepen en tot 1596 "Superintendant du Rivage" van Brussel,
was hoogstwaarschijnlijk dan weer een zoon van genoemde Woudmeester
François en dus een achterkleinzoon van Angela van der Heyden.
Door het kinderloos overlijden van een van haar broers of neven
kan het kasteel van
"der Heyden" aan de Absolons
zijn gekomen; zij zelf is er waarschijnlijk niet bezitster van
geweest, aangezien zij niet Vrouwe van der Heyden wordt genoemd. Nadat de hoofdtak van het geslacht
was uitgestorven, bleef dit in Leuven, Mechelen, Breda, Bergen
op Zoom en verder in Utrecht, Zeeland en Zuid-Holland in verschillende
zijtakken voortbestaan, terwijl de meest
aanzienlijke vertakking zich weer in Antwerpen schijnt te hebben
voortgezet, misschien als de afstammelingen van Jan van der Heyden (1346),
door Smallegange gemeld als Heer van Rilland in Zeeland, maar
later weer naar Brabant teruggekeerd. Deze Jan van der Heyden Willemsz.
is dan misschien de grootvader geweest van Jan v.v.H. tot 1408
schepen te Antwerpen, de eerste van die naam die daar in de regering
gemeld wordt (de regeringslijsten beginnen eerst met 1392). Achtereenvolgens
komen zij daarna voor tot aan het jaar 1557, tot de al genoemde
Ridder Jacob van der
Heyden, die tussen 1550 en 1569 burgemeester
van Antwerpen was.* Zijn broer Jan is zeker dezelfde die in 1584
met verschillende andere bloedverwanten getuige was voor de bruid,
bij het huwelijk van Antonie van Duvenvoorde Heer van den Bosch,
met Margaretha van Halmaele, uit Antwerpen. De aan de Duvenvoordes
vermaagschapte geslachten waren ook onderling, en velen van hen
met Van der Heydens verwant. Hieruit, en uit de verdere nasporingen
op dit punt ingesteld, blijkt met voldoende zekerheid dat de van der Heydens
te Antwerpen, Leuven,
Mechelen en Bergen op Zoom allen tot éénzelfde geslacht behoorden. Zij waren allen strenge katholieken,
hoe nauw ook dikwijls aan Geuzen verwant. Van de leden van het
geslacht van der Heyden die in Brabant vermeld worden en meest allen tijdgenoten
van Gaspar van der Heyden
zijn geweest, noemt van Lennep nog: Cornelis van der Heyden,
een priester, in 1544 de schrijver van een boekje dat veel besproken
is geworden. Jan van
der Heyden, geestelijke, in 1526 Rector magnificus
aan de Hooge School te Leuven; van hem
wordt vermeld dat hij van
een oud en edel geslacht was; "misschien was hij wel de laatste
der Heeren van der Heyden" aldus
Van Lennep. Gaspar van
der Heyden, 1538-1562 Schepen te Leuven.
Hendrik van der Heyden,
1581 Schepen te Mechelen, slechts één
jaar vermeld, bij een verandering van regering. Op welke wijze
nu ook Gerrit van der
Heyden te Mechelen aan deze personen
verwant is geweest, in alle gevallen is het duidelijk dat zijn
zoon Gaspar, toen hij
de nieuwe leer toegedaan werd, weinig steun bij hen zou hebben
kunnen vinden. Het lag niet op zijn weg zich op zijn voorzaten
te verheffen, zodat hij wellicht weinig van zijn geslacht aan
zijn nakomelingen zal hebben overgeleverd. Toch schijnt dit weinige
er aanleiding toe gegeven hebben, dat bij alle geschiedschrijvers,
van zijn aanzienlijke afkomst gesproken wordt. Opmerkelijk is,
en het kan wellicht tot bevestiging van die aanzienlijke afkomst
strekken, dat aan een van de brieven van Gaspar
van der Heyden het lak, waarmee deze door de schrijver gesloten
werd, bewaard bleef en de afdruk vertoont van een zegel (of zegelring)
met een wapenschild. Volgens het daarop prijkend wapenfiguur,
dat geheel afwijkt van de beide reeds beschreven wapens van van der Heyden,
zou de Hervormer behoord hebben tot een tak van dat geslacht,
die een 'gaand lam' of 'schaap' (voor zover men onderscheiden kan, op een 'grondje')
in hun wapen voerden, indien
dit althans niet door hem zelf, na zijn verbanning, (met verwerping
van een ander voorvaderlijk wapen) is aangenomen, met zinspeling
op zijn naam, of op
"het Lam, voor de zonden geslacht",
aan de prediking waarvan hij zijn leven had toegewijd.* Ditzelfde
wapen hebben zijn nakomelingen laten blijven voeren*. Kinderen:
Gaspar 1.1 Gaspar van der
Heyden. Geboortedatum: 1530. Geboorteplaats: Mechelen Overlijden
datum: 7 mei 1586. Overlijden plaats: Bacharach am Rhein. De strijd,
die in de Nederlanden tachtig jaren lang tegen Spanje om de vrijheid
van geweten en godsdienst gestreden werd, is niet uitsluitend
met de kracht der wapenen gevoerd. In dit conflict blinkt de kracht
van de geest ver boven de schittering van de wapendos uit. Gaspar
van der Heyden was een van die strijders met de wapenen van de
geest. Gaspar heeft zich noch als dogmaticus, noch als bijbelvertaler
een naam verworven. Vanaf het moment dat hij zich realiseerde
dat de kerkelijke werkwijzen in zijn omgeving niet in overeenstemming
waren met hetgeen hij zelf als juist ervaarde, heeft hij zich
gedurende bijna 40 jaren toegewijd aan de zaak die hem boven alles
ter harte ging. Ternauwernood aan het hachelijkst doodsgevaar
ontkomen, moest hij jaren lang als balling in het buitenland vertoeven,
maar ook daar vergat hij zijn kerk niet en bleef haar belangen
trouw behartigen. Ik voel mij zeer aan hem verwant. Dr. M.F. van
Lennep gaat in zijn proefschrift over Gaspar uit van een chronologische
levensbeschrijving. Allereerst treffen we Gaspar aan in de kruisgemeente
te Antwerpen. Een tweede levensfase brengt hij in ballingschap
door, afgewisseld met een kort verblijf in Vlaanderen. Zijn laatste
levensfase werkt hij in de gevestigde kerk te Middelburg en later
weer in Antwerpen. Zie verder de beschrijving van Van
Lennep. Zo heb ik nog een vervolg, maar dit geeft je wellicht
al een beeld van degene waarmee men mij aan het Spaanse
hof zou kunnen vergelijken. Gaspar
was gehuwd met Catharina
Goethem. Hier zijn de problemen wellicht
begonnen. Ik zie nu mijn goede oud-collega Prof. Dr. Cees van Dam
als directeur van het IBO op een prachtige brochure. Cees heeft
dezelfde problemen met die familie gehad als ondergetekende. Ik
beschik niet over de volledige gezinssamenstelling van Gaspar
en Catharina. In het boek van Van Lennep staan slechts enkele
nazaten vermeld. Uiteindelijk neemt de onderstaande tak de Latijnse
naam Heydanus aan.
Deze familie is hoofdzakelijk in Leiden
actief geweest. Hier volgt de informatie die ik van hen heb. Ik
ben nog steeds op zoek naar de genealogische aansluiting. Wellicht
kan Henk Lulofs mij verder
helpen. Hij is immers zeer geïnteresseerd en ik vind het
nog steeds leuk werk om dit uit te zoeken. Op grond van de in
het proefschrift beschreven familiecultuur ben ik ervan overtuigd
dat Gaspar mijn voorvader is.
Dat voel ik aan mijn genen. Je ziet
wel onze familietrek: Altijd het laatste woord hebben. Dus The Prince of Wales
weet wat hem te doen staat voordat hij opnieuw in grote problemen
komt. 23.15 Kom terug van Florin
and Firkin en King Arthur's. Daar heb
ik nog even gesproken over the big joke in Britain. Eerst met Ed. Ik
heb hem laten weten dat ik Diana
heb geadviseerd niet met Dodi Fayed bij Bill Clinton op bezoek
te gaan, aangezien hij het al moelijk genoeg had met Paula Jones.
Dat vond Ed een goed advies. Hetzelfde thema heb ik uiteraard
ook met Ron St. John besproken. Ik heb daartoe The Mirror er nog op
nageslagen. De paraplu van The
Royal Shakespeare Company had ik meegenomen.
Ik heb Ron gewezen op zijn stuk
Much ado about nothing. Het echte werk
begint dus pas. Dat heeft Russell Grant ook goed gezien in zijn
horoscoop: Scorpio: 'Some
kind of celebration is about to be held and you're a guest of
honour. Whatever the happy occasion for throwing a party you'll
be in the thick of it. Turn your thoughts to house decoration
with blue and greens at the centre of any new colour scheme. Daarom kijk ik nu naar mijn schilderij aan de muur
en mijn groene schriftje met het opschrift British School System.
Jouw horoscoop is echter nog veelzeggender. Virgo: 'Just when
you've had enough and are ready to give everything up your knight in shining armour dashes to your rescue -
substitute knight for princess
where applicable. The point is this. Friday you'll find unexpected
loyalty and love from someone you know. Ik mag aannemen dat
je begrijpt wie met die 'knight in shining armour' is aangeduid.
Hij zou immers ooit Earl of Warwick worden. Dat was ook bekend
bij Christie's.
I love You.
Zaterdag 7 maart
1998. In dit verband denk ik aan de
wenkbrauwen van Trevor Rees-Jones in het Telegraafartikel DIANA'S LIJFWACHT SPREEKT. Vertrouw niet op Henk van der Meyden. Uiteindelijk
zijn jij, Trevor en
ik de enigen
ter wereld die het probleem écht
kunnen oplossen. Ook heb ik vertrouwen in Trevor's psychiaters.
Henk van der Meyden spreekt nog steeds over de witte Fiat Uno
waarna zou worden gezocht, terwijl er in eerdere berichtgeving
al sprake van is geweest dat die auto was gevonden en dat men
moet zoeken naar een witte Citroën.
Daarom haal ik uit dit artikel enkele fragmenten aan die ik wél
van belang acht voor een zuivere weergave van de gebeurtenissen.
Ik heb in mijn therapie namelijk laten weten dat ik dat ongeluk
vaak heb beleefd tijdens mijn slaap. Diana was immers deel van
mijn bewustzijn en onderbewustzijn geworden en alles wat Trevor
Rees-Jones nu vertelt heb ik al gedroomd. Ik denk dat het daarom
goed is dat de volgende keer het gesprek wel wordt opgenomen.
Ik krijg daartoe nog een uitnodiging. Trevor weet niet wat de oorzaak was van het ongeluk
met de Mercedes, maar hij herinnert zich wel enkele dramatische
details van wat eraan vooraf ging. Hij weet nog dat hij met Dodi
van mening verschilde over hoe zij het hotel het beste konden
verlaten. Dit geeft wederom aan hoe
eigenwijs en onverantwoordelijk de Egyptische schaker heeft gehandeld.
Ik heb deze week ook een artikel over Trevor gelezen in The Mirror.
Deze man komt mij zeer betrouwbaar en professioneel over. Hij
lijkt mij een uitstekende inlichtingenman die weet wanneer hij
zijn mond kan opendoen en dichthouden. Hij is van de gehele escapade
vanaf half juli tot eind augustus persoonlijk getuige geweest.
Het is mijns inziens dus buitengewoon onverantwoordelijk geweest
van de schaker om zijn adviezen te negeren. Ik denk dat het een
goede zaak is dat je de kam door jouw afspraken haalt. Jij zult
ongetwijfeld ook een helder licht op deze situatie kunnen laten
schijnen. Zelfs Koningin Elizabeth. Dat zie ik aan het artikel
Buckingham Palace hijst
de Union Jack. "Volgens een woordvoerder van het paleis is
de dood van prinses Diana de 'katalysator' voor de opmerkelijke
breuk met de traditie geweest. Op 6 september vorig jaar, de dag
van Diana's begrafenis (moet zijn: 5
september, de dag vóór Diana's begrafenis), hing voor het eerst, onder druk
van de publieke opinie (Daar heb ik
mijn twijfels over. Ik denk eerder dat mijn
brief daartoe aanleiding is geweest), de Union Jack halfstok op het paleis terwijl Elizabeth in Schotland was." Ook dat laatste
is onjuist. Op het moment dat de vlag halfstok ging was Hare
Majesteit al onderweg naar BP. Een ander "poppetje" binnen ons dreamteam
is Sylvia Tóth.
Ik lees vandaag dat zij bij Content vertrekt om "persoonlijke redenen".
Volgens de Telegraaf legt zij op 20 mei haar functie als directeur
neer. Dat is dan het moment dat zij in onze organisatie kan stappen.
Zij gaat zich onder meer toeleggen op de Wereldtentoonstelling
in Nederland en Lissabon. Verder zal zij aan Content verbonden
blijven als lid van de raad van commissarissen. Tot half mei zal
zij zich blijven buigen over de strategische richting die Content
op moet gaan. Dat valt dus te combineren met de strategie-ontwikkeling
van Cervantes Recruitment
& Selection. In dit verband lees ik ook nog in het NRC
van gisteren Zalm geeft
dertigjarige lening uit. Wellicht kunnen
we daar dan gebruik van maken. Dan heb ik niet voor niets voortdurend
gerookte zalm gegeten. Ik zou William
en Harry zo mee willen nemen naar Spanje,
maar ik denk dat het beter is dat iemand van de familie Quarles
van Ufford zich daarmee bezighoudt. En wat die stoel betreft.
Ga maar eens kijken. Je weet de weg. Wij zijn er samen wel eens
langs gereden met ons tweeën.
Ik heb mij toen beter gedragen
dan Bill Clinton,
voor zover ik mij nog kan herinneren. Doe maar een bod op die
stoel. Hartelijke groet. Bijlagen:
A William and Mary walnut open armchair; CHRISTIE'S Jewellry
Review 1997 .
J.L. VAN DER HEYDEN
Het EERSTE
PAARSE KABINET van het KONINKRIJK
DER NEDERLANDEN.
Voorste rij van links naar rechts Minister
van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen JO
RITZEN, Minister
van Buitenlandse zaken HANS
VAN MIERLO, Minister-President
WIM
KOK, Oprichter Instituto
Cervantes JOHN
VAN DER HEYDEN,
Minister van Binnenlandse Zaken en Vice Premier HANS DIJKSTAL, Minister van Justitie WINNIE
SORGDRAGER, Minister
van Financiën GERRIT
ZALM. Achterste
rij van links naar rechts Minister van Volksgezondheid en Sport
ELS
BORST, Minister
van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij JOZIAS VAN AARTSEN, Minister van Verkeer en Waterstaat ANNEMARIE
JORRITSMA, Minister
van Defensie JORIS
VOORHOEVE, Minister
van Economische Zaken HANS
WIJERS, Minister
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid AD MELKERT en Minister van Ontwikkelingswerk
JAN PRONK.
TOMMY
CAN YOU HEAR ME?
Instituto Cervantes is als handelsmerk wettig gedeponeerd bij het Benelux
Bureau voor de Intellectuele Eigendom onder depotnummers 0508277 en 843323 in klasse
41: onderwijs, opleidingen en cursussen en is een handelsnaam
van de Stichting
Cervantes Benelux
te Utrecht, ingeschreven onder nummer 41211928 van de Kamer
van Koophandel te Amsterdam
(IBAN: NL91INGB0004729266 BIC: INGBNL2A). Instituto
Cervantes Limited
is registered for England and Wales under Company No. 3300636
at Companies
House, Cardiff.
Cervantes
Holding is lid van
de Baak-kring, Management Centre VNO-NCW.
Foto's boven
KASTEEL
ENGELENBURG in HET
KONINKRIJK DER NEDERLANDEN.